Home arrow - Nieuws ChristenUnie Utrecht
- Nieuws ChristenUnie Utrecht
ChristenUnie Utrecht (stad)
De laatste nieuws artikelen

  • Verslag Verdiepingsavond

    'Echtscheiding heeft veel impact in onze samenleving. Eén van de terreinen waarop dat het meest en het schrijnendst wordt gemerkt is in de jeugdzorg. Over de gevolgen van echtscheiding dachten we samen met Joel Voordewind en betrokkenen uit de stad na.'
    De verdiepingsavonden zijn bedoeld om als leden van de ChristenUnie te bezinnen op een onderwerp. Op de afgelopen verdiepingsavond was Joël Voordewind, lid van de Tweede Kamer namens de ChristenUnie, aanwezig. Hij denkt met ons mee. Wim Orbons,  was ook uitgenodigd, maar moest helaas verstek laten gaan. Gelukkig kon hij wel voor schriftelijke input zorgen.

    Echtscheiding heeft veel impact in onze samenleving. Eén van de terreinen waarop dat het meest en het schrijnendst wordt gemerkt is in de jeugdzorg. Kinderen uit gescheiden huwelijken zijn armer, hebben meer verslavingsproblemen, presteren minder, hebben meer klachten, zijn crimineler en scheiden zelf ook meer. Wat een ellende! Hoe kan dit voorkomen worden? De ChristenUnie wil, naast de bestaande hulpverlening, graag nadenken over preventie.

    Deze zogenoemde scheidingscultuur moet doorbroken worden; dit kan door allerlei regelgeving, maar interessanter is wellicht door trouwende stellen huwelijkscursussen aan te bieden. Bereid je voor op je huwelijk in plaats van het imiteren van vrienden en familie(?). Denk na over bijvoorbeeld conflicten, omgaan met geld en elkaars achtergrond. Geef sleur geen kans; als het goed gaat met je huwelijk moet je juist komen! 

    Om huwelijkscursussen maatschappelijk breed te laten leven zijn ongetwijfeld nog obstakels te overwinnen: meer bekendheid, meer variëteit in achtergrond, vorm en complexiteit. Maar vooral maatschappelijk het besef laten doordringen dat preventie beter én goedkoper is dan genezen.



  • ChristenUnie naar Lyon

    Afgelopen week vertrok Carlo van Dijk namens de ChristenUnie naar Lyon. Hieronder een verslag van zijn belevenissen.

    Vandaag, woensdag 17 oktober, staat helemaal in het teken van de reis op zich. Ruim op tijd kom ik op het Jaarbeursplein aan. Daar staat de touringcar, waarmee we naar Brussel zullen reizen. Vanaf Brussel reizen we, zo is het plan, daarna verder per trein naar Lyon.


     Een collega-commissielid vertelt me dat we daarmee tegemoetkomen aan de wens van GroenLinks om niet per vliegtuig te reizen, gelet op de milieubelasting die dat met zich meebrengt. Daar lijkt me heel wat voor te zeggen, hoewel ik laatst las dat de TGV weer meer energie verbruikt dan een goed gevulde moderne auto. Het is als het om mobiliteit gaat ook niet zo eenvoudig om schone handen te houden…


    Wachtend op het Jaarbeursplein besef ik me dat we deze ideale opstapplek in de toekomst kwijt zullen gaan raken. In het nieuwe stationsgebied is voor de touringcars geen plaats meer, ondanks dringende verzoeken vanuit de raad. Ik vind dat we bij het verder uitwerken van de plannen toch nog maar eens moeten kijken of we deze mogelijkheid niet op een of andere manier kunnen behouden. Er wordt volgens mij namelijk veel gebruik gemaakt van deze plek, vooral om vooral (trein)reizigers te verzamelen en per bus naar hun vakantie- of excursiebestemming te vervoeren.

    Veel van de medereizigers blijk ik nog niet te kennen. Het zijn de projectontwikkelaars van de diverse organisaties die in Leidsche Rijn woningen realiseren. Leuk om het onderlinge verschil te zien, de ontwikkelaars stralen volgens mij heel duidelijk de stijl van hun eigen organisatie uit. Is het nu tekenend dat enkele ontwikkelaars toch met het vliegtuig naar Lyon blijken gaan? Ik besluit mijn eindoordeel nog even uit te stellen tot na de kennismaking aldaar.
    Wim Oostveen van Ovast, begroet me met: “Hé, amigo, ken je me nog?” Ik wist niet dat de betrekkingen tussen de ons tegenwoordig zo hartelijk waren…
    De meeste corporaties zijn ook vertegenwoordigd, net als enkele medewerkers van de dienst StadsOntwikkeling en Projectbureau Leidsche Rijn. Dat worden ondertussen steeds meer oude bekenden. Raadsleden zie ik nog weinig. Die komen, maar dat had ik kunnen weten, precies op tijd of net iets later aanzetten. Zo in de groep valt op dat de deelnemers vanuit de politiek veruit in de minderheid zijn. Het leeuwendeel bestaat toch uit ontwikkelaars. Iets over 13:00 uur vertrekken we met bijna veertig personen richting Brussel.

                                              
    Na bijna twee uur rijden, raken we net over de grens met België in een hardnekkige file terecht. Verder rijden zit er voorlopig niet in, zo blijkt al snel uit de radioberichten: een brandende auto op de weg. De buschauffeur duikt de periferie rondom Antwerpen in: Wuustwezel e.o. zijn korte tijd later geen onbekende plaatsen voor ons meer. De sluiproute blijkt echter ook een kruiproute te zijn. Ook in Wuustwezel staat het volledig vast. Het biedt ons de gelegenheid om de kust en keur aan Belgische optrekjes eens goed te bekijken. Van verlaten oude panden, waar de ontwikkelaars direct van beginnen te likkebaarden, tot de wat mij betreft typisch Belgische bakstenen huizen met veel te weinig ramen direct aan de straat, tot grote herenhuizen, waarvan moet lijken alsof ze er al tweehonderd jaar staan, maar waarvan het cement in werkelijkheid nog maar net droog is: “Geen gezicht; Ergerlijke historiserende bouw”, zo luidt het oordeel van de mensen die er verstand van hebben.

                                                                                                

    Ondertussen is duidelijk geworden dat we de aansluiting in Brussel bij lange na niet gaan halen. Reisleider Philip laat zich echter niet uit het veld slaan en onderzoekt iedere alternatieve optie om toch nog zo snel mogelijk in Lyon aan te komen. Naar Lille doorrijden en daar een andere trein proberen te pakken blijkt de beste optie. Aangezien er niet telefonisch gereserveerd kan worden, is er echter het risico dat er geen plaatsen meer zijn.

    Dat risico doet zich gelukkig niet voor. Drie uur later dan gepland zitten we toch in een trein op weg naar Lyon. Net als in de bus zoekt iedere bloedgroep nu toch weer vooral zijn soortgenoten op. Na een ruime hoeveelheid anekdotes over en evaluaties van recente politieke voorvallen komen we om elf uur in de stad van bestemming aan.
    De reisleider heeft zich echt tot het uiterste gekweten van zijn taak: via een een vriend in Lyon is het hem gelukt om een groep van veertig personen nog om twaalf uur ’s nachts aan een restauranttafel te krijgen. De deelnemers die per vliegtuig zijn gekomen waren ons natuurlijk al lang voor en voegen zich nu met leedvermaak bij ons gezelschap.
    En zo kon het dus gebeuren dat een bont gezelschap om middernacht in de Carnegy Hall in Lyon, het mes zet in een steak van minimaal vijf bij vijf bij acht centimeter.


    Donderdag 18 oktober
    Bijkomen van de turbulente avonturen van de vorige avond is er niet bij. Om half acht wordt het ontbijt geserveerd en een uur later zitten we in de raadzaal van Grand Lyon. De heer Bernard Lensel, voorman van de regionale Stadsontwikkeling wijdt ons in, in de belangrijkste plannen van de stadsregio.

      

    Grand Lyon is te vergelijken met het BRU en omvat de gemeente Lyon en 56 gemeenten daarom heen. Het orgaan bestrijkt daarmee een gebied van 1,3 miljoen inwoners (waarvan ca. 450.000 in Lyon zelf). Alhoewel Lyon dus een maatje groter is, en er vooral veel stedelijker uitziet, blijkt de stad in veel opzichten op Utrecht e.o. te lijken wanneer je kijkt naar de thema’s op de politiek-bestuurlijke agenda. Bereikbaarheid, duurzaamheid en herstructurering zijn daarbij de belangrijkste onderwerpen.
    Voor wat betreft parkeren heeft Lyon de afgelopen jaren een flinke hoeveelheid parkeergarages aangelegd op strategische punten. De garages dienen er vooral toe om automobilisten te verleiden hun auto stil te zetten en per OV verder te reizen. Stadsbewoners die minder dan vijftien keer per maand hun auto uit een binnenstadsgarage halen, krijgen als beloning daarvoor een fors goedkoper parkeerabonnement. 


                                                

    Bij het zien van ambities voor het stimuleren van fietsgebruik moet de zaal hoorbaar gniffelen. Hoewel Lyon voor Franse begrippen tot de voorhoede van fietsgemeenten behoort (een dag later zal er een Europees fietscongres in Lyon worden gehouden), hebben wij die dag nog maar weinig mensen zien fietsen. ‘Operatie Velo’V’ moet daarin verandering brengen. In de afgelopen jaren zijn er ca. 4500 roodwitte fietsen op tientallen plaatsen in de stad neergezet. Voor een gering bedrag kunnen abonnementhouders deze fietsen huren voor korte stadsritjes. Voordeel van het fietsenplan is dat de fietsen niet naar hun oorspronkelijke plek hoeven worden teruggebracht. Een fiets kan op een willekeurig uitgiftepunt ook weer worden ingeleverd. Een bestelwagentje rijdt ondertussen de hele dag de stad door om overvraag en onderaanbod te compenseren…


    De presentatie gaat verder over de ambities van Grand Lyon op het gebied van duurzaamheid en het ‘lichtbeleid’. Even vind ik het jammer dat wethouder Tymon de Weger niet bij deze presentatie aanwezig is. Maar even later blijkt dat hij over enkele weken naar Lyon zal afreizen om zich over deze materie te laten informeren. Dat beloofd dus wat voor de nabije toekomst van Utrecht… 

    Na de presentatie krijgen we een rondleiding door de stad. De eerste halte is de inmiddels wereldberoemde parkeergarage onder de place des Célestins. Er zullen niet veel parkeergarages zijn die er ook nog leuk uitzien. Bij deze parkeergarage is dat dankzij het Collosseumachtige uiterlijk zeker gelukt.
    De parkeergarage heeft ooit gediend als voorbeeld voor de geplande Utrechtse parkeergarage aan het Lucasbolwerk. Spot en hoon over en weer tussen de diverse aanwezige fracties is dan ook niet van de lucht: het bezoek maakt veel los...
    Eén van de deelnemers vraagt of de garage ook kostendekkend is. François Gindre, directeur van het regionaal parkeerbedrijf legt uit dat de ca. 25 parkeergarages gezamenlijk kostendekkend zijn. Bij wat doorvragen blijkt het dan echter om de exploitatie te gaan. De stichtingskosten van de garages en de kapitaalslasten die daaruit voortvloeien worden uit de algemene middelen betaald. Er bekruipt me een gevoel van: “Tja, zo kan ik het ook…” Wat dat betreft hebben politici het in Frankrijk toch net iets makkelijker. 

                                                                                             

    Na het garage-avontuur leidt Georges Boichot ons naar Pentes de la Croix Rousse. Het is een gebied met veel sociale woningbouw en prachtig gelegen op een van de heuvels boven de Saône. Het is een gebied met een redelijk hoogteverschil, maar daar is op een hele charmante manier mee omgegaan. Ik probeer mijn liberale collega een beetje op de kast te krijgen door hem voor te houden dat deze sociale woningbouw op de mooiste plek van de stad staat. Maar ondertussen is de zon gaan schijnen en kan zijn humeur daardoor niet meer stuk.

    Als we wat verder lopen blijkt overigens dat het ook niet allemaal rozegeur en ‘zonne’schijn is: in sommige straten zijn de huizen bar slecht onderhouden. Vreemd, dat dat in Frankrijk soms zo z’n charme kan hebben, terwijl je je er in Utrecht voor zou schamen. Bij ons zou dit Mitros c.s. een flinke portie boze brieven opleveren. Met de gemeenteraad in cc.

    Na de lunch besluit ik om terug te gaan naar het hotel. Inmiddels heb ik mijn handvoorraad papieren zakdoekjes (het waren er ca. dertig) er doorheen gejaagd en begin ik zelf een bezienswaardigheid te worden. In nog een hele middag voor spek en bonen meelopen heb ik niet zo’n trek. Terwijl de groep naar Lyon Confluence vertrekt, een nieuwbouwproject tussen de twee rivieren, geniet ik van een langdurige siësta.

    Het middagslaapje blijkt een hele goede keus. ’s Avonds bij het diner voel ik me al een stuk beter. Indicator daarvoor is dat ik aan twee zakdoekjes genoeg heb. Ik laat me tijdens de maaltijd alsnog bijpraten over het middaggedeelte. Gelukkig blijkt dat ik weinig heb gemist. Omdat Lyon Confluence nog in ontwikkeling is, was er nog niet veel van de realisatie van het project te zien.

    Tussen de gangen door bevraag ik Frank Zwetsloot, die sinds een aantal jaren als ontwikkelaar actief is, naar de inhoud van zijn werk. Zodoende krijg een beetje beeld bij de af- en overwegingen en de procedures die bij projectontwikkeling komen kijken. Even later mengt Wim Oostveen zich in het gesprek. Hij vertelt ronduit over de strubbelingen tussen hem en de gemeente. Er spelen een aantal onteigeningen, o.a. in het Strijkviertel. Maar nadat hij de gemeente beschuldigd heeft van pestplanologie, krijg ik er niet echt hoogte van hoe erg en hoe onbegrijpelijk hij dat nou écht vindt.
    Dat ongrijpbare imago blijkt hem aankleven. Ik vind hem een gemakkelijke, optimistische man die rechtdoorzee is en van zijn eenvoud zijn kracht weet te maken. Daar laat hij zich overigens ook zelf op voorstaan. Wat dat betreft is hij onvergelijkbaar met andere ontwikkelaars. Die heb ik ook niet omstandig horen vertellen over fiscale trucs, verlies-BV’s en hun vermogen en maandelijkse omzet. Wat later op de avond, na zijn derde cola, komen de sterke verhalen, kenmerkend door de drie steekwoorden ‘vermakelijk’, ‘herhaling’ en ‘herhaling’. Aan het einde van de maaltijd beloofd hij me uit te nodigen voor de opening van zijn pand. Ik ben benieuwd en beloof zeker langs te komen àls ik een uitnodiging ontvang.

    De dames hebben geluk: die middag (?) zijn Rabo Vastgoed en Bouwfonds zijn gefuseerd tot Rabo Bouwfonds Development (hoe origineel!) en krijgen de dames na het desert de inmiddels niet meer bruikbare relatiegeschenken, in de vorm van een warme sjaal.

    Na het diner ga ik direct terug naar het hotel, om zo een lekker lange nacht te kunnen maken.

    Vrijdag 19 oktober 2007
    Vandaag is er een fietscongres in de stad. Ik moet er een beetje om lachen: zelfs in Lunteren hebben ze vermoedelijk nog meer fietsen dan in heel Lyon. We zullen die dag inderdaad maar liefst vijftien fietsers tegenkomen. Ondanks deze relativering, hebben de congresgangers ons wel de laatste huurfietsen voor de neus weggekaapt. Wij moeten daarom lopend naar de oever van de Rhône (Berges du Rhône). Tijdens de wandeling wissel ik met ontwikkelaar Wil Theuns van gedachten over de aftrek van de hypotheekrente. We komen tot de gezamenlijke conclusie dat het toch vooral een kwestie is van politieke wil en zorgvuldigheid. De argumenten voor afschaffing zijn er ondertussen wel…

    De Berges du Rhône was vroeger overdag parkeerplaats en ’s avonds tippelzone. Tegenwoordig is het een recreatieve route van een meer acceptabele soort. Alhoewel alles natuurlijk beter is dan prostitutie, ben ik niet heel erg onder de indruk van het project. Misschien zou het gebied wat meer sfeer ademen als ik later op de dag nog eens terug zou komen. Nu is het koud en lopen we in de schaduw.
    Sébastien Rolland, projectleider van Berges du Rhône, kan er even later in het informatiecentrum op een boot ook niet veel meer van maken. Niet iedereen uit de groep is bereid zich onder zijn gehoor te voegen, en achteraf kan ik voor die keuze begrip opbrengen: van de hoeveelheid cijfers waarmee we overstelpt worden, blijft me alleen het aantal inspraakreacties (1500) bij. En die herinnering is dan uitsluitend te wijten aan de brede grijns van leedvermaak op het gezicht van wethouder Harrie Bosch bij het horen van dat aantal.

    Het tweede gedeelte van de ochtend bezoeken we Cité Internationale, een grootschalig nieuwbouwproject langs het Parc de la Tête d’Or. Het is werkelijk een mooi uitgevoerd project met woningen en veel voorzieningen. Wanneer ik naar de gebruikte materialen kijk, vraag ik me hardop af op dit ook mooi blíjft. De mensen die er verstand van hebben stellen me echter gerust, gezien de volgens hen duurzame materialen die zijn gebruikt.
    Detail is dat een bioscoop en een hotel heel mooi zijn weggewerkt achter de gevel, waardoor het gebied een uniforme uitstraling heeft. In de latere fase van het project is een groot amfitheater gerealiseerd, waarin we een rondleiding krijgen. Het is een werkelijk prachtige zaal met een enorm podium en maar liefst 3000 zitplaatsen.

    Ondertussen heb ik vrijwel iedereen een keer gesproken. Het mooie van zo’n studiereis is dat je een keer uitgebreid de tijd hebt om je in de leefwereld en belangen van anderen te verdiepen. Met Esther Driessen, medewerker van het Projectbureau Leidsche Rijn blijk ik nog gelijktijdig op de Uithof rondgelopen te hebben. Op weg naar de lunch keuvelen we wat over de wetmatigheden van het ouder worden en het verloop van vriendschappen.

    Tijdens het middageten blijkt één van de ontwikkelaars niet alleen woningen te bouwen in Leidsche Rijn, maar ook de bouw tegen te houden op het DELA-terrein. Althans, dat is wat te negatief geformuleerd: hij is betrokken bij de groep mensen rondom het DELA-terrein die in het verleden hebben meegedacht bij de planvorming voor het gebied en ook zelf alternatieven hebben bedacht. Zonder enige vorm van rancune geeft hij zijn mening over hoe de inspraak daar is verlopen. Veel blijkt terug te voeren op de stijl en ideeën die de vorige wethouder Verkeer over het terrein had.
    Bijna en passant deelt hij ook mee dat de oostelijke spoorbaan wordt opgeheven. Deze spoorlijn dwars door de stad wordt nu alleen nog voor goederenvervoer en voor de museumlijn gebruikt. Van het alternatief voor de spoorlijn dat nu op de gemeentelijke tafel ligt, een fietspad, wordt ik echter niet spontaan enthousiast. Ik neem me voor om Tymon er bij thuiskomst eens naar te vragen… 

                                                

    Bij een bezoek aan het gemeentehuis Villeurbaine, een voorstad van Lyon, slaagt de gids er niet in om de aandacht van de groep te trekken. Het mooie uitzicht in combinatie met een lekker zonnetje maken dat de meeste deelnemers zich ook zelf heel goed kunnen vermaken.
    Wat me opvalt als we door Villeurbaine lopen, is dat er ondanks de bebouwing van acht tot negen verdiepingen, een prettig klimaat is op straatniveau. Volgens ontwikkelaar Jack komt dat voor een belangrijk deel door de licht bebladerde bomen, die het zonlicht wel grotendeels doorlaten, maar het zicht op de hoge bebouwing wegnemen.
    In de loop van de middag slaat de vermoeidheid toe. In de bustocht naar Carré de Soie (het zijdekwartier) is er regelmatig een slapende deelnemer te spotten. 

     

    Carré de Soie is een herstructureringsgebied in zijn zuiverste vorm. Het is er één grote bende, bestaande uit grote verlaten vlaktes, soms met grote hopen puin van fabrieken e.d. die zijn gesloopt. Twee weken voor ons bezoek is er een metrostation geopend, waardoor aansluiting is ontstaan op de tram naar het vliegveld. Dat is de manier waarop de Fransen met herstructurering beginnen: eerst een nieuw OV-knooppunt realiseren. Ontwikkelaar Herman roemt de durf van de regionale overheid om dit te doen, vooruitlopend op zicht op concrete bouwinitiatieven. Daarna haalt hij zijn gram over Leidsche Rijn, waar het OV pas klaar is als iedereen al één of twee auto’s voor de deur heeft staan. Ik doe er beschaamd het zwijgen toe. Gelukkig verbreed de discussie zich tot de Betuwelijn en HSL, waar ook weinig lovende woorden voor zijn. Ondertussen benijd ik de Fransen wel. Als politicus kun je in dit land toch gemakkelijker je visie omzetten in werkelijkheid. Het lijkt wel alsof er een veel lager afbreukrisico bestaat. ‘Bouwburgemeesters’ kunnen daardoor belangrijke ontwikkelingen in gang zetten. Ook financieel durft men veel meer risico te nemen. Dit voorbeeld telt wat dat betreft bij de parkeergarage van gisteren op.
    Nu maar hopen dat het ook hier lukt. 

     

    In États-Unis maken we een ronde door de buurt. Dit is de voorstad waar enkele jaren geleden in een andere buurt de grote rellen plaatsvonden. Enorme opstootjes kan ik me in deze buurt niet voorstellen. Hoewel duidelijk is dat hier niet de meest kapitaalkrachtigen uit de regio wonen, zien de flats er best aardig uit. Velen met mij zijn gecharmeerd van de wandschilderingen, die op de zijkanten van de bouwblokken zijn aangebracht. Wellicht zouden we dat ook in Utrecht kunnen doen. De tekeningen fleuren het gebied enorm op. Desgevraagd blijkt wethouder Harrie Bosch zelf niet zo goed in tekenen. Wellicht dat we daarom maar eens moeten kijken of de corporaties tot dit soort initiatieven over te halen zijn.

    Op de terugweg horen we dat de sloopvergunning voor het Muziekcentrum is geweigerd. Dat is toch wel een domper op de dag, omdat de weigering waarschijnlijk ongeveer een half jaar vertraging oplevert. Met de aanwezig politici doen we aan een vorm van collectieve rouwverwerking.

    ’s Avonds dineren we in de oude binnenstad, Vieux Lyon. Het is een gezellige maaltijd. Lilian Verheul, directeur van Groenrandwonen vertelt me het een en ander over haar werk. Ik ben wel gecharmeerd van deze corporatie. Door dat Groenrandwonen wat kleiner is dan de andere corporaties, slagen ze er volgens mij beter dan anderen in om de behoeftes en belangen van huurders in het vizier te houden. Dat Groenrandwonen klein is mag ik trouwens natuurlijk niet zeggen: in tien jaar tijd zijn ze gegroeid van 300 naar 3000 woningen in beheer. Het lijkt me wel aardig om eens een keer een kijkje te nemen in de keuken van onze Vleutense corporatie. De uitnodiging daartoe neem ik dan ook graag aan.

    Gelukkig, geen fromage blanc vanavond. Wel een lekkere cognac met een tuitknak erbij: het is immers weekend geworden? Uiteindelijk gaat de tijd sneller dan ik door had. Te laat lig ik op bed.


    Zaterdag 20 oktober
    Ondertussen ben ik al helemaal gewend aan de telefoonwekker, die door het irritante geluid de reisleiding garandeert dat iedereen bijtijds opstaat. Vandaag gaat de wekker echter niet. Net als veel andere deelnemers beroep ik me daarom op puur geluk dat ik nog net op tijd wakker wordt door me flink te haasten het staartje van het ontbijt kan meemaken.

    Die haast was echter niet nodig geweest, want de touringcar die ons vandaag naar Sainte Marie de la Tourette moet brengen heeft een lekke band. Dit avontuur brengt ons naar de remise van de busmaatschappij aan de rand van Lyon, waar we overstappen op een andere bus. Een en ander levert ons ruim een uur vertraging op. 

                                                                                                

    Ik kan wel janken als ik het klooster van Sainte Marie de la Tourette zie. Zoiets lelijks kan zelfs een verstokte atheïst niet bouwen. Toch is het niemand minder dan de bekende stedenbouwkundige Le Corbusier geweest die dit bouwwerk heeft ontworpen. Uit de rondleiding wordt duidelijk dat over het ontwerp goed is nagedacht, maar mijn generatie en ik zijn te visueel ingesteld om daardoor te worden overtuigd. Ook de bewering dat de Benedictijnse monniken heel tevreden zijn over het gebouw kan me niet vermurwen: het is een lelijk, kil en koud betonnen misbaksel.

    Tijdens de lunch in een voormalige brouwerij zit ik met Olga en Philip aan tafel. Philip verteld wat anekdotes over zijn gereformeerde jeugd. Het is inderdaad vermakelijk, maar wel altijd hetzelfde. Wat is er toch met die generatie van veertig jaar en ouder aan de hand? Als het om geloof gaat zijn ze vaak behoorlijk verzuurd en lijkt er sprake van een nog immer voortdurende Vergangenheits-begewaltigung. Het zijn ook vaak de cultuurverschijnselen en gebruiken waartegen geageerd wordt of waarmee gespot. Over de persoonlijke relatie die ouders, grootouders e.d. met God hadden, heb ik nooit iemand gehoord. Gelukkig doet het aan de kwaliteiten van Philip als reisleider niet af. Daarmee mogen we ons in onze handjes knijpen.

    Olga, naast wie ik later ook in de trein naar Brussel zit, verteld over een project in het westen van Utrecht. Het heeft jarenlang stil gelegen. Deels is dat te wijten aan een slecht plan, deels omdat bewoners wel heel erg hoge eisen stelden. Hoe maak je als politiek duidelijk dat je van andermans grond niet zomaar een openbaar toegankelijk park kunt maken? Gelukkig zit er nu schot in de zaak. Wat Olga verteld over de aanpassingen in het nieuwe plan, klinkt inderdaad als een aanmerkelijke verbetering.
    Op een gegeven moment gaat het gesprek over Kanaleneiland. Olga ergert zich aan de uitspraken van de gemeente over de jongeren daar. Volgens haar versterken die het negatieve imago van Kanaleneiland alleen maar, waardoor het nog moeilijker is om de wijk een positieve impuls te geven. Zelf bepleit ze meer diversiteit in het woningaanbod. Daarvoor is het volgens haar niet nodig alles te slopen en op nieuw te bouwen. Want veel woningen zijn technisch nog prima in orde. Veeleer moet een afwisseling worden gezocht van koop en huur en van grondgebonden woningen en appartementen. Mijn pleidooi om ook binnen bestaande flats diverse woningen te construeren, door af en toe een muur door te breken, is volgens haar te ingewikkeld. Wellicht blijf ik voorlopig dus nog in een van de weinige straten wonen, waar er wel diverse woningtypen binnen één bouwblok bestaan.

    In Brussel zijn enkele deelnemers plotseling verdwenen, op jacht naar een vervolgtrein die ze sneller naar huis brengt dan onze touringcar. Ik vind het maar vreemd dat dat klaarblijkelijk moet zonder een afscheidsgroet.

    De Griek heeft een goede avond aan ons gezelschap. De meesten hebben echter nauwelijks eetlust. Nog nooit hebben we zo snel gegeten. Zelfs niet geluncht. Als na een half uurtje bekend wordt dat de bus is gearriveerd, verlaten we het restaurant weer. Veel halfvolle borden achterlatend.

    Het laatste stukje van de terugreis die dan volgt, is één groot slaapfeestje en verloopt in uiterste stilte. Op de lovende woorden van dank van Alice na dan, die als voorzitter van de commissie Stedelijke Ontwikkeling de organisators van de reis bedankt. Ik kan me volledig in haar woorden vinden. Het programma was interessant, de ervaringen waren leerzaam, de contacten hoopvol, wat wil je nog meer? Ik kan maar één ding bedenken: als we om middernacht bij de Jaarbeurs aankomen, spoed ik mij na een vluchtig afscheid richting stadsbus. Een half uur later ben ik thuis en krijg ik wat ik wil: mijn eigen bed. Anneke is ook net thuis na een avond lang feesten op een bruiloft. Moe en voldaan slaap ik in, terwijl ik me bedenk wat ik allemaal wel en niet in het verslag van deze reis zal opnemen.



  • Algemene Beschouwingen 2008: Visie, Vaart, Vrede!

    Utrecht is een krachtige stad, er is op dit moment genoeg geld en er ligt een stevige begroting. Dat zijn zaken die vreugde en vertrouwen geven. Tegelijk vindt mijn partij dat juist dit zo’n moment is, waar raad en college op hun tellen moeten passen. We hebben nú de mogelijkheid om problemen die we tegenkomen aan te pakken, maar laten we dat dan ook wel dóen. Als we kijken naar de jaren die er aan komen, dan is een ding zeker, zoveel meevallers krijg je niet snel nog een keer. En er is nog voldoende werk aan de winkel.

    Met deze bril hebben we de begroting gelezen. Vrolijk, met vertrouwen, maar ook met het idee dat er nog wel wat in onze stad moet veranderen, willen alle inwoners er een goed leven leiden. En de ChristenUnie vindt dat overvloed je ook dwingt tot het maken van goed onderbouwde keuzes. Daar denken we graag over mee. Je verantwoordelijkheid nemen, heet dat.

    Voorzitter, ik merk dat ik in de afgelopen zinnen diverse woorden heb gebruikt die met een ‘V’ beginnen. Woorden die iets in beweging zetten: ‘vreugde’, ‘vertrouwen’, ‘vrolijk’, ‘veranderen’ en ‘verantwoordelijkheid’. Aan de hand van drie andere V-woorden wil ik nu onze beschouwing op de begroting geven: Visie, Vaart en Vrede.


    Visie

    Visie op de juiste proporties en verhoudingen
    Overvloed dwingt ons tot het maken van juiste keuzes, zo gaf ik in de inleiding al aan. Wat ons betreft is het beste voorbeeld hoe dat níet moet, de drie miljoen die door het college vrij is gezet voor de raad. Voorzitter, het klinkt allemaal heel lief, om de raad wat ruimte te geven voor dingen die hij nog tegenkomt, maar het is onzin. De raad gaat over de héle begroting en als hij daarin wat wil veranderen dan moet hij keuzes maken. Hij moet dan niet een visie over 3 miljoen hebben, maar over ruim anderhalf miljard. Want de raad gaat over íedere euro die er door de gemeente wordt uitgegeven


    Visie op de toekomst
    De ChristenUnie pleit er voor om de drie miljoen daarom niet als een soort haarlemmerolie over allerlei projectjes waar een probleempje bij is, uit te smeren. De raad moet ook hier durven kiezen. Wat ons betreft mag bijvoorbeeld de ambitie op het gebied van milieu en duurzaamheid wel omhoog. De eerste miljoenen zijn gereserveerd voor het Actieplan Luchtkwaliteit, maar nu al is duidelijk dat dit niet genoeg zal zijn. In de begroting lezen we trouwens volop over allerlei voornemens van het college ten aanzien van energieverbruik en de vermindering er van. En het zelfde geldt voor duurzaam bouwen. Maar voorzitter, er ontstaat bij ons toch de indruk dat het allemaal klinkt als mooie voornemens, alleen dat de SMART-verwoorde ambitie is weggebleven. De ChristenUnie pleit voor concrete afspraken. Wat wil het college nu precies en voor welk bedrag? Wanneer is de gemeente Utrecht klimaatneutraal? Hoeveel investeert u nu exact in groene energiebronnen? En wat vindt het college van ons idee om aan de slag te gaan met windenergie? De ChristenUnie zal dit thema in de commissie verder oppakken, bijvoorbeeld als het gaat om de duurzaamheid van het stadskantoor, van bedrijfsterreinen en kantorenlocaties en het gemeentelijk inkoopbeleid.

    Visie op de mogelijkheden van mensen
    Visie is volgens de ChristenUnie overigens niet iets wat we alleen op het stadhuis bedenken. Juist in de praktijk zien mensen hoe ze problemen kunnen oplossen en hun wijken aanpakken. We komen er mooie voorbeelden van tegen, in de stad en juist ook in de prachtwijken. Ik noem er drie:
    1. In Bloeyendaal nemen vrijwilligers het onderhoud van één van onze parken voor hun rekening.
    2. Iedere woensdagavond wordt er op Kanaleneiland Panna-voetbal georganiseerd (door Youth4Christ).
    3. Stichting Present brengt vraag en aanbod bij elkaar voor hulpbehoevenden en vrijwilligers.

    Natuurlijk is het goed dat de gemeente samenwerkt met de vaste welzijnsorganisaties. Maar laat dat niet een verstikkende en betweterige visie zijn. Deze stad draait op vrijwilligers, op nieuwe projecten, op creativiteit. Heb daarom ook vertrouwen in kleine initiatieven en ándere organisaties. Dúrf te investeren in een brede civil society en kijk verder dan de lijst van subsidiënten die we al jaren hebben. Dúrf open te staan voor nieuwe ideeën en geluiden. Ook als ze uit hoeken komen die de gemeente tot voor kort onbekend waren. En durf andere geluiden ook toe te laten.

    Om het maar heel concreet te maken: laat scholen zélf kiezen welke organisaties zij vragen om preventielessen te verzorgen. Geef organisaties die goed werk verrichten in het kader van de Wmo support en biedt ruimte aan mensen die in de wijken nieuwe initiatieven starten. De grote problemen van kinderen die op 8 jarige leeftijd om 23.00 uur buiten lopen, van ouderen die vereenzamen, van kinderen die te dik zijn, daar is welzijnswerk voor nodig en wat de ChristenUnie betreft kan daar soms nog wel een schepje bovenop. Maar voorzitter, dat is het niet alléén, het is ook oog hebben voor mensen die nú al het kleine verschil maken. Onze visie is ruimte voor nieuwe initiatieven en durven vertrouwen te geven. Niet alleen met mooie woorden, maar ook door budget vrij te maken.

    Visie op nieuwe kansen
    Wij zijn blij dat de gemeente de nood van vrouwen in de prostitutie onderkent en verder heeft ingezet op uitstaptrajecten. Naar ons idee de beste visie die er is.
    De ChristenUnie hoopt dat we daarnaast blijven kijken naar de vrouwen die niet die stap maken, maar wel gedwongen in de prostitutie zitten. Wij roepen daarbij de motie 40 (Geen prostitutie als moderne vorm van slavernij) in herinnering.

    Visie op verbondenheid
    Voorzitter, er is ook visie nodig op het gezinsbeleid. De programmabegroting spreekt terecht uit dat ouders de eerstverantwoordelijken zijn voor het opgroeien van kinderen. Om een voorbeeld te geven, wat is de visie van onze gemeente op echtscheiding? Dit soort zaken ligt heel gevoelig dat weten wij, maar dat betekent niet dat de gemeente hier zijn handen vanaf moet halen.
    Alom is bekend dat dit grote gevolgen heeft voor kinderen. Hebben wij aan die gevolgen gedacht bij het inrichten van de OuderKindCentra? Komt er ruimte voor ouders om advies te krijgen op het moment dat er problemen zijn in een huwelijk maar een echtscheiding gelukkig niet aan de orde is? En is er oog voor het kind op het moment dat het wel tot scheiding komt?


    Vaart

    Vaart in de uitvoering
    Wij vinden het heel goed dat dit college er voor kiest om het achterstallig onderhoud nog steviger aan te pakken nu het kan. De extra structurele gelden, bovenop de Voorjaarsnota, zijn nodig. We zijn tevreden dat daarnaast het idee van de ChristenUnie om de onderbesteding aan te pakken is overgenomen. Het inlopen van achterstallig onderhoud heeft vaart nodig en het college geeft daaraan voldoende prioriteit. Daar plukken we nu, direct, maar ook in de jaren die volgen de vruchten van!

    Vaart in de planning
    Eveneens waren we verheugd over de 5,8 miljoen extra die wordt gestoken in het Actieplan Luchtkwaliteit. Maar voorzitter, als we kijken naar de wetgeving, de groei van het verkeer en de bouwplannen in Utrecht, dan is dit nog niet genoeg. Met deze 5,8 miljoen neemt de groei van het autoverkeer nog niet af, en hebben we nog steeds grote uitdagingen bij het Stationsgebied, maar ook bij de Westflank. Denkt u al deze uitdagingen aan te kunnen met het geld van provincie en staat? U zegt bij de Voorjaarsnota te rapporteren, maar graag horen wij nu al een indicatie.
    Zoals gezegd blijft in alle prognoses het autoverkeer groeien, ook in de stad. Transferia & tram kunnen een goede bijdrage leveren om dit tegen te gaan. Beide onderwerpen moeten komend jaar met vaart worden beetgepakt.

    Vaart in onze organisatie
    Waar de vaart naar ons idee een beetje uitraakt is organisatie 2010. Een van de doelstellingen was een slankere organisatie, en daarnaast natuurlijk de efficiencyslag. Als je mensen op de werkvloer spreekt, dan is organisatie 2010 door hen niet uit te leggen. Uit een van de personeelsbladen vernamen wij eerder al dat de wethouder het ook niet zo eenvoudig vond. - Bovendien zien we her en der de personeelsomvang groeien en is de selectieve vacaturestop opgeheven. Voorzitter, mijn partij houdt van resultaat, tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Dat vinden wij belangrijker dan een ambtenaar meer of minder. Maar wij houden ook van duidelijkheid. Wat wilt u nu nog met Organisatie 2010? En is het ideaal van minder ambtenaren losgelaten of?

    Vaart in onze medewerkers
    Een laatste punt waar vaart in gezet moet worden is de aanpak van criminele jeugd. En het college geeft er blijk van hier stevig op in te zetten. Prima dat de harde kern stevig wordt aangepakt, maar blijf op de groepen er omheen letten. Preventie is de beste vorm van veiligheidsbeleid.

    De afgelopen dagen vroegen wij aan u of Utrecht mee ging doen aan de pilot Toezicht Drank- en Horecawet. Deze pilot geeft gemeenten de mogelijkheden om nog meer in te zetten op handhaving. Bijvoorbeeld van leeftijdsgrenzen wat wij heel belangrijk vinden. Jongeren gebruiken op steeds jongere leeftijd alcohol met grote gevolgen voor hun eigen gezondheid. Toen we met het verzoek kwamen, viel ons op met hoeveel vaart het ambtelijk apparaat aan het werk ging. Binnen een week lag de aanvraag er. Voorzitter dat zijn de voorbeelden die de burger moed geven. Er worden nogal eens grapjes gemaakt over knipogende ambtenaren, die dan een oog open doen. Onze ervaringen dit jaar leren dat we het dan níet over de Utrechtse ambtenaar hebben.

    Vrede

    Ik kom bij mijn laatste punt… Vrede. Er gaat extra geld gestoken worden in de herdenking van de vrede van Utrecht. Een goed idee naar onze mening, juist ook de plannen om de geschiedenis van het Domplein zichtbaar te maken. Daarnaast zal het komende jaar in het teken staan van Utrechtse helden. Daarover sprekend kon de fractie van de ChristenUnie trouwens stevige en inspirerende namen noemen (van Willibrord tot Abraham Kuijper). En de belangrijkste eigenschap van zulke helden was dat ze op hun manier werkten aan vrede voor de stad. De vrede van Utrecht die wij gaan herdenken in 2013 betekende destijds het einde van de Spaanse successieoorlog en van langdurige gruwelijke oorlogen. Voorzitter je zou vrede inderdaad kunnen omschrijven met ‘de afwezigheid van oorlog’. In de Bijbel wordt ook regelmatig over het woord vrede gesproken, maar dan betekent het veel meer. Dit woord ‘shalom’ houdt voorspoed, volledig herstel en geborgenheid in. Omdat God erbij is.

    Voorzitter, wij hopen dat de Vrede van Utrecht meer zal zijn dan een cultureel festijn: dat het opnieuw mensen inspireert om te werken aan een stad waar voor elkaar gezorgd wordt, waar de straten schoon zijn en waar het veilig is.



  • De mening van de ChristenUnie over het burgemeestersreferendum

    images_Secretarie_Communicatie_Burgemeestersreferendum_kopWat vindt de ChristenUnie van het burgemeestersreferendum? Trekt ze partij of staat ze passief aan de zijlijn? We hebben 10 vragen die mensen bij het referendum kunnen hebben op een rijtje gezet en de mening van de ChristenUnie hierbij uiteen gezet.
    Achtergrondinformatie vindt u onderaan deze pagina.

    10 Vragen bij het referendum


    1. Waarom een referendum?

    Drie partijen in de gemeenteraad (PvdA, GROENLINKS en D66) willen een referendum om de nieuwe burgemeester van Utrecht te laten kiezen door de burger. Op dit moment is de enige mogelijkheid die de wet dan biedt, om een referendum te houden tussen de twee kandidaten die de Vertrouwenscommissie uit de raad selecteert. Met een meerderheid van 25 stemmen voor en 20 stemmen tegen is dit voorstel in de gemeenteraad aangenomen.

    2. Wat vindt de ChristenUnie Utrecht van het referendum?

    De ChristenUnie Utrecht is tegen referenda. Wij vinden dat de gemeenteraad de verantwoordelijkheid heeft gekregen van de kiezer om dit soort zaken te regelen. Elke vier jaar wordt dat mandaat vernieuwd. Bovendien gaat het referendum nu tussen twee personen, wij zijn ook tegenstander van een referendum tussen personen. De ChristenUnie Utrecht heeft in de afgelopen debatten die visie helder uiteengezet. (Notulen vaststelling profielschets)
    Toch wensten de voorstanders om door te gaan en waren zij in de meerderheid. Zo is het referendum er dus gekomen.

    3. Voeren jullie ook nu nog actie tegen het referendum?

    Nee, nu niet, maar voorstander zijn we niet geworden. Wij vinden dat als de meerderheid van een raad zo’n besluit neemt, je niet een paar weken later hetzelfde besluit moet terugdraaien. Daar wordt de betrouwbaarheid en kwaliteit van het bestuur niet beter van. Wel pleiten wij na afloop van dit referendum om een goede evaluatie. Wij hopen dat de raad daar haar lessen uit trekt.

    4. Ik ben tegen het referendum, wat raden jullie mij aan?

    Eigenlijk heb je dan nog steeds drie opties:

    1. Je maakt gebruik van je stemrecht en gaat toch op een van de kandidaten stemmen.
    Overweging: Beide kandidaten zijn geschikt zijn om burgemeester te worden. Als je de keuze liever zelf maakt, dan dat je hem alleen aan andere Utrechters overlaat, kan dat een overweging zijn om naar de stembus te gaan.

    2. Je maakt gebruik van je stemrecht en stemt blanco.
    Overweging: In het raadsdebat is afgesproken dat blanco stemmen worden gezien als de keuze neerleggen bij de gemeenteraad. De raad moet kiezen wie van de twee de beste is.

    3. Je maakt geen gebruik van je stemrecht
    Overweging: Indien het opkomstpercentage van 30% niet wordt gehaald, is het referendum ongeldig.

    5. Ik ga stemmen: wie raden jullie aan? Pans of Wolfsen?

    Die keuze is geheel aan u!
    De vertrouwenscommissie heeft beide kandidaten geschikt bevonden om burgemeester van Utrecht te worden. Het is nu aan de kiezer om tussen deze twee personen een keuze te maken.
    Voor meer informatie over de kandidaten kunt u kijken op:
    www.ralphpansburgemeestervanutrecht.nl en www.aleidwolfsen.nl

    6. Vindt de ChristenUnie dit een zorgvuldige procedure?

    Wij vinden dat de wijze waarop de profielschets tot stand is gekomen en het werk dat de vertrouwenscommissie heeft gedaan goed. Daar zijn we blij mee. We vinden het jammer dat het sluitstuk van dit goede werk een referendum is dat al de nodige commotie heeft opgeleverd. De kandidaten weten echter heel goed waaraan ze zijn begonnen.

    7. Hoe zijn deze kandidaten uitgezocht?

    De vacature is geplaatst in de Staatscourant. Er volgden 22 sollicitaties (5 van de PvdA, 5 van het CDA, 2 van de VVD, 1 van de SP en 9 partijloos, 2 vrouwen en 20 mannen).
    Uit de raad is een vertrouwenscommissie samengesteld, met uit elke partij een vertegenwoordiger. Deze 9 vertegenwoordigers hadden elk 1 stem. De commissie heeft twee gespreksrondes gehouden. Uiteindelijk heeft ze unaniem twee kandidaten voorgedragen die ze benoembaar en geschikt vond om burgemeester van Utrecht te worden.
    De raad heeft deze voordracht vervolgens gesteund met 38 stemmen voor en 6 tegen. Zo kwamen er twee PvdA’ers uit de bus en veel mensen vinden dat niet zo spannend voor een referendum. De vertrouwenscommissie had een spannend referendum echter niet als opdracht. Zij moesten kijken naar de twee meest geschikte kandidaten om burgemeester te worden. Aan die opdracht heeft de commissie zich gehouden. De ChristenUnie Utrecht vindt dat een goede zaak.

    8. Hoe gaan jullie om met de campagne?

    De kandidaten moeten zelf campagne voeren, ze hebben daarvoor een klein budget. Omdat we geen voorkeur hebben voor een van de kandidaten en tegen het referendum zijn, zult u ons niet flyerend vinden om het referendum aan te prijzen.

    Als een van de kandidaten echter belangstelling heeft voor onze partij en achterban, dan staat hem dat natuurlijk vrij. Zo heeft Mirjam Bikker in de raad bij de vaststelling van de profielschets opgemerkt dat ze hoopt dat de nieuwe burgemeester snel vertrouwd is met het Utrechtse: ‘Als ik boven op de Dom sta.’ Een van de kandidaten heeft dit opgepikt en er een activiteit aan verbonden.
    Wij vinden het leuk als onze gedachten worden opgepikt. Maar we verbinden onze naam niet aan een van de twee.

    9. Wanneer vertrekt de huidige burgemeester?

    Mevrouw Annie Brouwer-Korf is burgemeester van Utrecht tot 1 januari 2008.

    10. Is jullie standpunt over referenda door dit alles veranderd?

    Nee, wij blijven dezelfde argumenten tegen houden.



  • Week 39 - Ontbijt en onbehagen

    De weken vliegen en mijn weblog vliegt niet zo hard mee. Hier een inhaalslag van vorige week. Het werd een pittig weekje, waarin Utrecht volop het nieuws haalde. Bij de een zal dan het beeld van het referendum blijven hangen bij de ander de zaken in Kanaleneiland.

    We startten de week met een fractiedag. Wim opende met een bezinnende bijdrage over Gods verbond met Noach. Waarin God aan Noach meegeeft hoe hij met de aarde en de dieren moet omgaan en hoe God hem dan zal zegenen. Gods belofte is eeuwig, Hij zal de aarde niet verloren laten gaan. (Ik ga Wim nog vragen om zijn overdenking op de site te zetten, want er zijn vast lezers met belangstelling!)
    Het tweede deel was meer van praktische aard en we hebben geoefend in het debatteren, doorvragen en inleven in andere partijen. Dat kan je helpen in een debat. Verder vierden we de verjaardag van Karin!

    Terwijl in de stad het tumult losbarstte over het referendum, begonnen Wim en ik de woensdag om 7.00 met een Prinsjesdagontbijt in de Nicolaïkerk. Een mooi initiatief van de christelijke organisatie GIDS, om leiders uit de stad bij elkaar te brengen. Managers, predikanten, voorzitters van allerhande stichtingen, raadsleden, voorzitters van studentenverenigingen, wethouders etc. allemaal zijn ze bezig in onze stad. Het is een geweldig goed idee om ze af en toe bij elkaar aan tafel te zetten en het dan te hebben over problemen die je niet alleen kan oplossen. Neem bijvoorbeeld eenzaamheid, het lukt de overheid echt niet om dat in haar eentje de wereld uit te helpen.
    ’s Avonds mocht ik Wim vervangen en een bezoek van de raad aan de Binnenstad leiden. We spraken met bewoners en horeca-ondernemers over de lusten en lasten van horeca. Een avond vol emotie, maar goed om met elkaar aan tafel te zitten. De belangrijkste les die ik meenam: handhaving!

     

    Als klapstuk kwam donderdag, met de verdiepingsavond en het spoeddebat. De verdiepingsavond ging over echtscheiding en de gevolgen voor gezinnen, maar juist ook in de stad. Er ligt vaak een taboe op dit probleem. Helaas gooide het spoeddebat voor mij roet in het eten. Ik had veel liever geluisterd naar de mensen van de Huwelijksschool, de Marriage Course, naar Joël Voordewind en naar alle belangstellenden die waren gekomen.

    Maar een raadsdebat daar hoor je te zijn, voorbereid en wel. Het debat begon fel. Wij vergeleken het referendum met een magnetronmaaltijd. Zelfs al zou je hem perfect voorbereiden dan smaakt het nog niet zo lekker als je eigen gekookte potje. Maar als je ook nog eens op andere knoppen drukt en tussendoor de magnetron openmaakt dan wordt het helemaal een fiasco. Met andere woorden, nu de stekker uit het referendum trekken is niet goed voor de stad. Maar dat deze procedure gekozen is, was niet ons idee. En zal het ook nooit worden.

    Aan het einde van het debat deelde de burgemeester mee dat stoppen helemaal niet kon. Had ze dat nou eerder verteld!! Dan hadden Wim en ik een goede verdiepingsavond helemaal bij kunnen wonen.

     




Nieuwsbrief






Donatie

1. Kies een bedrag
2. Kies de munt eenheid
3. Klik op "PayPal"
Welk bedrag?
Welke munteenheid?